Adreswijzigingen
Mocht uw adres of telefoonnummer zich in de loop van het schooljaar wijzigen, geeft u dat dan zo spoedig mogelijk door aan de administratie van de school.
Schoolverlaten
Als een leerling, om welke reden dan ook, van school gaat, dient dat schriftelijk aan de school te worden meegedeeld met vermelding van de datum van uitschrijving en de nieuwe bestemming. Toelating op een andere school is slechts mogelijk na afgifte van een uitschrijvingsformulier.
Gezinsomstandigheden
Het is vaak in het belang van uw kind dat u bijzondere omstandigheden in gezin of familie doorgeeft aan de mentor. In overleg met de mentor kunt u afspreken wie op de hoogte gebracht mag worden van uw informatie.
Absentie en te laat komen
-
Is een leerling door ziekte of door andere omstandigheden verhinderd naar school te komen, dan wordt u verzocht dit het liefst tussen 8.30 uur en 9.30 uur telefonisch te melden.
-
Als uw zoon of dochter na het weekeinde volgend op een ziekmelding nog niet hersteld is, verzoeken wij u dit opnieuw telefonisch aan de conciërge te melden.
-
Als u een absentie vooraf weet (bijvoorbeeld vanwege doktersbezoek of familieomstandigheden), geeft u zo spoedig mogelijk aan uw zoon of dochter een briefje mee bestemd voor de mentor. Nadat het briefje door de mentor is ondertekend, levert de leerling het in bij de conciërge. U kunt uw kind op deze manier voor maximaal één dag absent melden.(Voor langere periodes geldt de regeling ‘extra vrije dagen’ waarbij een minimale aanvraagperiode van acht weken gehanteerd wordt, waarover meer onder het kopje ‘Vakantie’.)
-
Tijdens het eerste lesuur maakt de conciërge een ronde langs de eerste klassen en noteert de afwezige leerlingen. Indien wij een leerling missen die niet is afgemeld, nemen we als extra controle telefonisch contact op met thuis.
-
Een leerling die tijdens de schooldag ziek wordt, gaat pas naar huis, nadat hij/zij dat gemeld heeft bij de conciërge. We verwachten een telefoontje van de ouder/verzorger als de leerling thuis is gearriveerd.
De afwezigheid en het te laat komen van leerlingen wordt bijgehouden via de computer. De mentor onderneemt actie als een leerling ongeoorloofd afwezig is of te vaak te laat is. Blijft desondanks ongeoorloofde absentie of te laat komen voortduren, dan gaat een brief naar huis met een uitnodiging voor een gesprek tussen leerling, ouder(s)/verzorger(s), mentor en afdelingsleider. In dat gesprek worden voor die leerling bindende afspraken gemaakt en kan een straf worden opgelegd.
Bij herhaald ongeoorloofd verzuim kan er een schorsing volgen. Wanneer de leerling na een schorsing opnieuw ongeoorloofd verzuimt, loopt hij/zij het risico dat de procedure tot verwijdering gestart wordt.
Over leerlingen die veelvuldig te laat komen en/of binnen 4 schoolweken een aantal lesuren overeenkomend met 3 schooldagen zonder geldige reden afwezig zijn, wordt in het kader van de leerplichtwet altijd contact opgenomen met het Regionaal Bureau Leerling-zaken. Het bureau Halt kan eveneens een straf opleggen.
Hier staat de officiële versie van de verzuimregistratie die door Huizermaat gehanteerd wordt.
School en omgeving
We verwachten van de leerlingen dat zij meehelpen de school en de omgeving van de school leefbaar te houden. In elk geval dragen daartoe bij: het opruimen van lokalen, het eten van consumpties alleen in de aula, het deponeren van afval in prullenbakken, het verzorgen van planten en het voorkomen van geluidsoverlast.
Voor het schoolterrein geldt een verbod voor gemotoriseerd verkeer. Het schoolterrein is verboden voor onbevoegden. Het is leerlingen niet toegestaan zich op het schoolterrein op te houden met anderen dan leerlingen van Huizermaat.
Aula/eten in de school
De leerlingen kunnen op school overblijven en in de aula tegen redelijke vergoeding gezonde consumpties kopen. Het is in de rest van het schoolgebouw niet toegestaan, te eten of drinken. Ook het gebruik van kauwgom is in de school niet toegestaan. De vervuiling die dit met zich meebrengt is te groot.
Gebruik van de fietsenstalling
Van de leerlingen verwachten we dat ze de fietsen in de rekken op het fietsenplein plaatsen. Het plaatsen van fietsen in de omgeving van de school, anders dan in de rekken op het fietsenplein, bezorgt de omwonenden van de school overlast en is in sommige gevallen ronduit gevaarlijk. Fietsen die niet correct zijn gestald kunnen aan de ketting worden gelegd.
Roosterwijzigingen
De school probeert het uitvallen van lessen zoveel mogelijk te voorkomen.In principe worden lessen van afwezige docenten vervangen. Zo’n vervangingwordt per dag geregeld, waardoor roosterwijzigingen kunnen ontstaan. Wij vragen hiervoor begrip. Veranderingen in het rooster die het eerste uur van de dag betreffen worden aan de leerling doorgegeven door middel van het telefonisch alarmsysteem, dat in de eerste schoolweek wordt gemaakt. Roosterwijzigingen worden zo snel mogelijk gepubliceerd op onze website(www.huizermaat.nl). Het verdient aanbeveling hier regelmatig naar te kijken. Wanneer vervanging niet geregeld kan worden, kunnen leerlingen tijdens het uitgevallen lesuur huiswerk maken in de zogenaamde open ruimten of in de aula.
Vakantie
De school houdt zich aan de vakantieregeling zoals die in dit boekje staat vermeld. Deze regeling is vastgesteld in overleg met de onderwijsinspectie en de andere scholen voor voortgezet onderwijs in de regio.
De leerplichtwet staat niet toe dat leerlingen buiten de schoolvakanties extra vrije dagen krijgen, anders dan in zeer uitzonderlijke situaties. Informatie hierover kunt u vinden in de leerplichtwet en op de site van Bureau Leerling-zaken: www.rblgooi.nl. Verzoeken voor extra vrije dagen dienen ruim tevoren - minstens acht lesweken - schriftelijk aan de betreffende afdelingsleiders te worden gedaan. Ongemeld verzuim wordt direct aan de leerplichtambtenaar doorgegeven.
Regeling extra leerlingenverlof
1. Leerplicht en verlof
In de Leerplichtwet staat dat een leerling de school moet bezoeken als er onderwijs wordt gegeven. Leerlingen mogen dus nooit zomaar van school wegblijven. In een aantal gevallen is echter een uitzondering op deze regel mogelijk. Als een ouder een bijzondere reden heeft om zijn/haar kind te laten verzuimen, moet deze ouder zich aan de regels voor zo’n uitzondering houden. De uitzonderingen en de daarbij behorende regels staan hieronder beschreven. Deze regeling, gebaseerd op de leerplichtwet, is ook van toepassing op de niet-leerplichtige leerlingen van de Gooise Scholen Federatie. Verzoeken voor extra vrije dagen dienen ruim tevoren - minstens acht lesweken - schriftelijk aan de betreffende afdelingsleiders te worden gedaan. Ongemeld verzuim wordt direct aan de leerplichtambtenaar doorgegeven.
2. Extra verlof in verband met religieuze verplichtingen
Wanneer een leerling plichten moet vervullen die voortvloeien uit godsdienst of levensovertuiging, bestaat er recht op verlof op grond van artikel 11 van de Leerplichtwet 1969. Men kan denken aan het Suikerfeest en Offerfeest (islamitische godsdienst), Loofhuttenfeest (joodse godsdienst) en het Holifeest (hindoestaanse godsdienst). Als richtlijn geldt dat hiervoor één dag per verplichting vrij wordt gegeven. Als een leerling gebruikmaakt van deze vorm van extra verlof, dient dit minimaal twee dagen van tevoren bij de schoolleiding van de school te worden gemeld.
3. Op vakantie onder schooltijd
Voor vakantie onder schooltijd kan alleen een uitzondering op de hoofdregel gemaakt worden als een leerling tijdens de schoolvakanties niet op vakantie kan gaan door de specifieke aard van het beroep van (één van) de ouders (artikel 11 sub f Leerplichtwet 1969). Soms kunnen ouders vanwege hun werk per se niet weg in de schoolvakantie. Ze werken bijvoorbeeld in de horeca of hebben een boerderij. In dat geval mag de schoolleiding eenmaal per schooljaar de leerling vrij geven, zodat er toch een gezinsvakantie kan plaatshebben. Het betreft de enige gezinsvakantie in dat schooljaar. Bij de aanvraag moet een werkgeversverklaring worden gevoegd waaruit de specifieke aard van het beroep én de verlofperiode van de betrokken ouder blijken. Verder dient er met de volgende voorwaarden rekening gehouden te worden:
-
In verband met een eventuele bezwaarprocedure moet de aanvraag tenminste acht weken van tevoren bij de schoolleiding worden ingediend, tenzij de ouder kan aangeven waarom dat niet mogelijk was;
-
De verlofperiode mag maximaal 10 schooldagen beslaan (artikel 13 Leerplichtwet1969);
-
De verlofperiode mag niet in de eerste twee weken van het schooljaar vallen. Het komt wel eens voor dat een leerling of een gezinslid tijdens de vakantie ziek wordt, waardoor de leerling pas later op school kan terugkomen.
Het is van groot belang om dan een doktersverklaring uit het vakantieland mee te nemen, waaruit de duur, de aard en de ernst van de ziekte blijken.
4. Verlof in geval van ‘Andere gewichtige omstandigheden’
Onder ‘Andere gewichtige omstandigheden’ (zie artikel 14 Leerplichtwet 1969) vallen situaties die buiten de wil van de ouders en/of de leerling liggen. Voor bepaalde omstandigheden kan vrij worden gevraagd. Hierbij moet gedacht worden aan:
-
Een verhuizing van het gezin
-
Het bijwonen van een huwelijk van bloed- of aanverwanten
-
Ernstige ziekte van bloed- of aanverwanten (het aantal verlofdagen wordt bepaald in overleg met de schoolleiding en/of de leerplichtambtenaar)
-
Overlijden van bloed- of aanverwanten
-
Viering van een 25-, 40- of 50-jarig ambtsjubileum en het 12,5-, 25-, 40-, 50- of 60-jarig (huwelijks)jubileum van bloed- of aanverwanten. De volgende situaties zijn geen ‘Andere gewichtige omstandigheden’:
-
Familiebezoek in het buitenland
-
Vakantie in een goedkope periode of in verband met een speciale aanbieding
-
Vakantie onder schooltijd bij gebrek aan andere boekingsmogelijkheden
-
Een uitnodiging van familie of vrienden om buiten de normale schoolvakantie op vakantie te gaan
-
Eerder vertrek of latere terugkeer in verband met (verkeers)drukte
-
Verlof voor een kind, omdat andere kinderen uit het gezin al of nog vrij zijn
Roken, liever gezegd: niet roken
Er wordt in het gebouw niet gerookt. Roken is buiten het schoolgebouw slechts toegestaan op de daartoe aangewezen plek op het schoolterrein.
Alcohol- en drugsbeleid
Het gebruik van alcohol en/of drugs en het volgen van onderwijs gaan niet samen. Wanneer leerlingen betrapt worden op het gebruik van alcohol en/of drugs, kan verwijdering volgen. Het beleid van de Gooise Scholenfederatie is, dat op handel in drugs door leerlingen op het terrein van de school en in de omgeving van de school onherroepelijk verwijdering volgt.
De school kent een ontmoedigingsbeleid. Tijdens mentorlessen wordt voorlichting gegeven over de risico’s van het gebruik van alcohol en drugs.
Strafbare feiten
Als zich op school problemen voordoen, wordt natuurlijk getracht ze zoveel mogelijk binnen de school op te lossen. Als een leerling echter een strafbaar feit pleegt, zoals diefstal, vernieling, het afsteken van vuurwerk, wordt er altijd melding gemaakt bij de politie. In overleg met Bureau Halt – die lichte vergrijpen voor justitie mag afdoen met alternatieve ‘Haltstraffen’ – wordt én de mate van straf bepaald én door wie die straf opgelegd wordt: door de school, door Bureau Halt of door beide.
Gedragsregels voor de leerlingen:
- Zorg dat je in het lokaal bent, voordat de bel gaat.
- Als je klas binnenkomt, ga je zitten, je pakt alle benodigde spullen en zet je tas op de grond.
- Overleg alleen met de leerlingen uit je eigen tafelgroepje.
- Steek je vinger/hand op als je de docent nodig hebt.
- Wees stil als de docent aan het woord is of als een klasgenoot het woord heeft gekregen.
- Loop niet ongevraagd door het lokaal.
- Als je eruit bent gestuurd, ga je op de gang aan het werk. Aan het eind van de les ga je in gesprek met de docent.
- Na de pauze wacht je in de hal voor de klapdeuren totdat de bel gaat die aangeeft dat de pauze voorbij is.
- Verlaat het lokaal pas als de bel gaat.
- Geen kauwgom in de school.
- Jassen en hoofddeksels horen in de kluisjes.
- Geen muziek in het lokaal.
- Telefoons mogen alleen gebruikt worden in de kantine (zie hieronder)
- Drinken en eten is alleen toegestaan in de kantine
- Zo min mogelijk (liefst helemaal niet) naar de wc tijdens de lessen
Beeld- en geluidsdragers
Algemeen
Beeld- en/of geluidsdragers, zoals mobiele telefoons mogen in het schoolgebouw niet gebruikt worden. Dat geldt ook voor de gymzalen en de sportvelden. Onder ‘niet gebruiken’ verstaan we dat een beeld- en/of geluidsdrager niet aanstaat (ook niet in de “stand by”-stand) en dat deze niet in de hand gehouden mag worden, ongeacht of de hij aanstaat of niet. Als geconstateerd wordt dat een leerling in overtreding is, dan gelden de volgende afspraken:
Overtreding
1.Bij een eerste overtreding wordt de beeld- en/of geluidsdrager één dag in bewaring genomen. De leerling krijgt deze de eerstvolgende lesdag terug ná 13.30 uur. De leerling krijgt een brief thuis gestuurd waarin wordt uitgelegd dat bij een volgende overtreding de sancties zwaarder zullen zijn.
2.Bij een tweede overtreding wordt de beeld- en/of geluidsdrager 3 dagen in bewaring genomen. In de brief die de leerling bij een eerste overtreding krijgt wordt dit gemeld. De school vindt het de verantwoordelijkheid van de leerling dat hij/zij zich aan de schoolregels houdt, zeker als het bezit van een beeld- en/of geluidsdrager belangrijk is voor communicatie met thuis.
3.Bij een derde en volgende overtreding wordt de beeld- en/of geluidsdrager 5 dagen in bewaring genomen.
In bewaring nemen
1.Een beeld- en/of geluidsdrager die in bewaring wordt genomen moet in het bijzijn van de leerling worden uitgezet. De SIM-kaart wordt óók ingeleverd en mag er dus niet uit gehaald worden.
2.In bewaring genomen beeld- en/of geluidsdragers worden opgeborgen in de schoolkluis.
Klassenavonden/feesten
De organisatie van klassenavonden en schoolfeesten geschiedt onder verantwoordelijkheid van de school. Ouder(s)/verzorger(s) van leerlingen uit de onderbouw worden hiervan door de school schriftelijk op de hoogte gebracht.
Eindtijd onderbouw: ca. 23.00 uur.
Eindtijd bovenbouw: ca. 24.00 uur.
Voor de onderbouw geldt, dat er geen alcoholhoudende dranken worden geschonken. In de bovenbouw geldt met betrekking tot alcoholgebruik een aantal beperkende maatregelen.
Leerlingenstatuut
Gooise Scholen Federatie heeft een leerlingenstatuut. Daarin staan de rechten en plichten van leerlingen beschreven. Daarnaast heeft iedere school ook nog een schoolreglement. Dat is een verdere uitwerking van de regels van het leerlingenstatuut. Iedere leerling moet het leerlingenstatuut kunnen inzien. Het leerlingenstatuut ligt ter inzage bij de administratie en staat op de website van de GSF, www.gsf.nl.
In het leerlingenstatuut is een officiële, nogal juridische versie opgenomen, maar ook een uitgebreide toelichting daarop. Uiteraard geldt de officiële regeling, maar het kan helpen om de toelichting te lezen.
Uit het leerlingenstatuut:
-
Leerlingen hebben de plicht het hun opgegeven huiswerk te maken.
-
De docenten zien erop toe dat het totaal van het aan leerlingen opgegeven huiswerk geen onredelijke belasting voor de leerlingen oplevert.
-
Het huiswerk wordt zo goed mogelijk over de week en het schooljaar gespreid.
-
Werkstukken van enige omvang, spreekbeurten en andere taken die een meer dan gemiddelde voorbereiding behoeven, worden door de docent tijdig - ten minste vier schoolweken tevoren - opgegeven.
-
Een proefwerk is een aangekondigde schriftelijke toets over een afgeronde hoeveelheid leerstof, waarvan het cijfer meetelt voor het rapport.
-
Een (schriftelijke) overhoring is een toets die betrekking heeft op een geringere hoeveelheid of minder moeilijke lesstof dan een proefwerk; een (schriftelijke) overhoring telt ook in geringere mate mee voor het rapportcijfer dan een proefwerk.
-
Proefwerken worden minstens één week voor de afnamedatum opgegeven. Overhoringen hoeven niet aangekondigd te worden, mits ze de hoeveelheid opgegeven huiswerk voor één lesuur niet te boven gaan.
-
Er vindt, behoudens overmacht –ter beoordeling van de schoolleiding– in principe niet meer dan één proefwerk per dag plaats. Deze regel geldt niet voor een proefwerkperiode en voor de examenjaren waar de examenregeling van toepassing is.
-
Docenten dienen schriftelijke toetsen binnen 10 schooldagen te corrigeren, behoudens overmacht (ziekte, buitenschoolse activiteiten en nascholingsdagen). Voor werkstukken en lees- en practicumverslagen geldt een maximum van vier schoolweken.
-
De leerling heeft het recht het gecorrigeerde werk in te zien.
-
Leerlingen die zonder tijdige kennisgeving of zonder geldige reden afwezig zijn tijdens een schriftelijke overhoring of proefwerk, hebben geen recht van inhalen of herkansen. In alle andere gevallen bepaalt de docent de noodzaak en het gewenste tijdstip van de inhaaltoets.
-
Voorafgaand aan een rapportperiode worden de leerlingen geïnformeerd over de wijze waarop rapportcijfers tot stand komen.